UWV: AI verandert banen en voor sommigen verdwijnen ze

Het aandeel Nederlandse werkgevers dat helemaal geen AI gebruikt is in één jaar tijd bijna gehalveerd. Dat blijkt uit onderzoek van UWV onder ruim 3.500 werkgevers, uitgevoerd in het najaar van 2025. Tegelijkertijd worden de gevolgen voor bepaalde beroepsgroepen steeds zichtbaarder.

Tussen 2024 en 2025 verdubbelde het aandeel werkgevers dat AI in redelijke of hoge mate inzet, van 16% naar 32%. Het aandeel werkgevers dat helemaal geen AI gebruikt daalde in dezelfde periode van 60% naar 34%. Vooral in de sectoren informatie en communicatie, financiële dienstverlening en specialistische zakelijke dienstverlening is AI inmiddels breed ingeburgerd.

De opmars van AI blijft niet zonder gevolgen voor de arbeidsmarkt. Uit eerdere analyses van UWV en berichtgeving van de NOS blijkt dat sommige beroepen al onder druk staan. Het aantal vacatures voor creatieve functies neemt af, terwijl het aantal uitkeringsaanvragen in deze beroepsgroep stijgt. Schrijvers, vertalers, grafisch ontwerpers en accountmanagers in de reclamesector behoren tot de functies die het sterkst met deze ontwikkeling worden geconfronteerd.

Volgens het UWV leidt AI waarschijnlijk niet tot massawerkloosheid. Wel verandert de inhoud van veel functies. Taken kunnen verschuiven of worden geautomatiseerd, terwijl andere werkzaamheden juist belangrijker worden. Werkgevers zien die verandering ook aankomen. Bijna de helft verwacht dat de scholingsbehoefte van medewerkers de komende vijf jaar verandert. Een vergelijkbaar aandeel denkt dat werknemers andere vaardigheden nodig zullen hebben.

Tegelijkertijd blijft de begeleiding achter. Van de werkgevers die AI al inzetten begeleidt 39% medewerkers niet bij het gebruik ervan. Onder werkgevers die verwachten binnen vijf jaar met AI te gaan werken, bereidt slechts 38% hun personeel daar nu al op voor.
De verwachting is dat AI de komende jaren verder doordringt in vrijwel alle sectoren. De vraag lijkt daardoor steeds minder óf werk verandert, maar vooral welke functies het snelst mee moeten bewegen.