40% van kiezers beslist pas op het laatste moment. Wat zegt dat over peilen?

Bij de Tweede Kamerverkiezingen van oktober 2025 maakte vier op de tien kiezers de partijkeuze pas enkele dagen voor of op de verkiezingsdag zelf. Dat blijkt uit het Nationaal Kiezersonderzoek 2025, uitgevoerd onder meer dan zesduizend Nederlanders door een samenwerkingsverband van Nederlandse universiteiten en het Sociaal en Cultureel Planbureau. Voor marktonderzoekers en data-professionals is dat meer dan een politieke observatie. Het laat zien hoe sterk resultaten kunnen verschillen afhankelijk van het moment waarop je meet.

Het Nationaal Kiezersonderzoek (NKO) loopt al sinds 1971 en volgt het stemgedrag van Nederlanders door de jaren heen. De steekproef vindt plaats in meerdere rondes voor en na de verkiezingen. Daardoor biedt het onderzoek niet alleen inzicht in stemgedrag, maar ook in het moment en de manier waarop kiezers tot hun keuze komen.

Juist die metingen op verschillende momenten maken het onderzoek relevant voor marktonderzoekers en data-professionals. Het laat zien dat de uitkomst van een peiling sterk afhankelijk is van wanneer je meet. Een meting drie weken voor verkiezingsdag heeft een andere samenstelling dan een meting op de dag zelf. En die late beslissers zijn niet willekeurig. Het NKO laat zien dat zij relatief vaak voor D66 kozen, wat waarschijnlijk heeft bijgedragen aan de sterke verkiezingsuitslag van de partij.

Het meetmoment is geen detail

In marktonderzoek geldt hetzelfde principe. Wie koopintentie meet bij de lancering van een product, meet iets anders dan wie een week later opnieuw vraagt. Wie een campagne evalueert kort na de uitzending, meet een andere respons dan wie dat een maand later doet. Dat inzicht is niet nieuw, maar het NKO laat zien hoe groot die groep late beslissers daadwerkelijk is. Het onderzoek maakt duidelijk dat een substantieel deel van de kiezers zich nog midden in het keuzeproces bevindt op het moment dat veel peilingen worden uitgevoerd.

Vertrouwen in peilingen neemt ook af

Een tweede bevinding die buiten de politieke context relevant is, betreft het vertrouwen in verkiezingen en de informatie daaromheen. Het onderzoek laat zien dat mensen die minder vertrouwen hebben in het verkiezingsproces, verschillende verklaringen zoeken voor een uitslag die afwijkt van hun verwachtingen. Daar kunnen ook eerder gepubliceerde peilingen een rol in spelen.

Dat verschijnsel herkennen professionals buiten de politiek ook. Wanneer meetresultaten afwijken van verwachtingen, komt soms de methode ter discussie te staan voordat wordt gekeken of de oorspronkelijke verwachting misschien niet klopte. Dat zegt iets over hoe lastig het blijft om onzekerheid en marges in onderzoek helder over te brengen.

Wat longitudinaal onderzoek zichtbaar maakt

De langetermijnwaarde van het NKO zit in de mogelijkheid om trends over decennia te volgen. Het onderzoek laat zien hoe politieke interesse, stemgedrag en vertrouwen in de democratie zich over vijftig jaar hebben ontwikkeld. Voor de insights-professional bevestigt dat de kracht van longitudinaal onderzoek. Eenmalige metingen geven een momentopname, terwijl herhaalde metingen over langere periodes laten zien hoe ontwikkelingen ontstaan, veranderen en soms weer verdwijnen.

Het volledige NKO 2025-rapport en de onderliggende data zijn openbaar beschikbaar.